Benuttingspotentieel

Het aanbrengen van een persleiding die langs het spoorwegtracé loopt, maakt het mogelijk om naast een herstel van de historische link tussen de Schijn en de stadsvijver, ook andere parken op deze route van grijswater te voorzien. Park Spoor Oost of het nieuw geplande park op Zurenborg zouden op deze manier eveneens verzekerd zijn van een stabiele waterbron. Hierdoor kunnen tijdens de hete zomermaanden parken worden gesproeid, zonder dat er kostbaar drinkwater wordt verspild. Ook voor de Antwerpse Zoo zou aansluiting op dit stads- of grijswaternet voordelig kunnen zijn.

Mogelijke aftakkingen watertoevoer Stadspark met aanduiding ruien en premetro voor mogelijke ontwikkeling grijswaternetwerk, 2018 © Studio GA

Eens het water toekomt in de stadsvijver kan deze met een leiding via de Louiza-Marialei in verbinding worden gesteld met een waterbassin in de ruien. Dit waterbassin blijft, door de wet van de communicerende vaten, steeds gevuld. Zo kan er een aanzet worden gegeven voor de ontwikkeling van een grijswater- of stadswaternet onder de ganse binnenstad. Door leidingen aan te brengen op de wanden van de ruien en de premetro heeft het stadscentrum meer water ter beschikking voor verschillende types van waterverbruik. Dit uiteraard op voorwaarde dat de stadsvijver permanent kan worden aangevuld met een voldoende grote watertoevoer. Volgens recente inzichten (zie literatuur/droogtestudie) zou dit tweede waternet verder verfijnd kunnen worden door gebruik te maken van het rioleringsnetwerk. (www.apache.be/2019/07/30/stadsvijver-kan-antwerpen-redden-van-uitdroging/?sh=355e5b4fc2bc462d4ae48-1875097403) 

Stadsvijver in verbinding met waterbassin in ruien ter hoogte van Tabaksvest, 2019  © Studio GA

De stadsvijver is steeds een belangrijke schakel geweest in het Antwerpse watersysteem. Al sinds de aanleg van de Herentalse vaart in 1491 werd het water van de Schijn langs deze weg naar de binnenstad geleid. Later stroomde het water de stad in via de vestinggracht van de Lunet Herentals. Toen Keilig deze gracht in 1867 omvormde tot een sierlijke waterpartij, bleven de twee overlopen aan de kant van de Rubenslei behouden. Langs hier stroomde het  overtollige water naar de binnenstad. Een eerste overloop, de zogenaamde Brouwersbuis (1554), leidde het water naar het Brouwershuis. Een tweede buis liep via de Maria-Henriëttalei naar de ruien op het Blauwtorenplein, waar het water via de Wapper kon wegstromen naar de Schelde.

De geschiedenis van dit stukje erfgoed leert dus dat de vijver altijd een hydrologische functie heeft gehad. Door die functie te herstellen zou deze waterpartij opnieuw die historische rol kunnen opnemen, zij het in een nieuwe vorm. Bovendien zou doorstroming voor een betere waterkwaliteit van de vijver zorgen. Als er dus voldoende water naar de vijver geleid kan worden, kan dat niet alleen het waterpeil herstellen maar ook een bijkomende aanvoer garanderen om een grijswaternet te voeden. Er is met andere woorden meer dan één goede reden om de eeuwenoude link met de Schijn te herstellen. Via deze verbinding kan de stadsvijver een duurzaam antwoord bieden op het watertekort in de hele binnenstad.

Ook in het Antwerpse Waterplan wordt er uitdrukkelijk gepleit om waar mogelijk tot een herstel van de historische watersystemen te komen. (zie: waterplan

PLAN%2520C%2520brialmontlei_edited_edite

Mogelijke verbinding met waterbassin in ruien ter hoogte van Tabaksvest (purper).  Deze verbinding is mogelijk zoals blijkt uit scenario 4 van de Arcadisstudie, p75, 2019  © Studio GA

Oude overloop vijver naar ruien Blauwtorenplein (grijs) en brouwersbuis (oranje) als watertoevoer van het Brouwershuis © Studio GA (zie: park in aanleg)

Het herstel van het oorspronkelijke vijverconcept zorgt tijdens hete zomers ook voor extra verkoeling in het park. (Voor het verschil in wateroppervlak zie technische fiche.) Door het veranderende klimaat zal de hittestress in onze steden toenemen omdat steden hitte-eilanden zijn. Hittestress is niet alleen onaangenaam voor de meeste bewoners, het is ook erg ongezond, zeker voor kwetsbare groepen als ouderen en kinderen. Omdat fonteinen, net als parken en vijvers voor de nodige verkoeling van de stad zorgen, is extra groen en water erg belangrijk. Willen we de leefbaarheid van onze stad dus vrijwaren, dan dienen we een fractie van de beschikbare watervolumes in Antwerpen-Noord naar het stadscentrum af te leiden. Want wie meer groen en fonteinen wil in de binnenstad, zal ook voor meer water moeten zorgen. Een spooraquaduct kan een belangrijke bijdrage leveren in de aanleg van een grijswaternet. 

Brabofontein, Grote Markt

Fontein Wapperplein

Plantentuin 'Den Botaniek', Leopoldstraat

Mochten we in Antwerpen per inwoner evenveel fonteinen willen als Rome, dan zouden er maar liefst 280 fonteinen moeten bijkomen in onze stad. Misschien wat teveel van het goede, maar vooral onbetaalbaar, omdat de Antwerpse fonteinen worden gevoed met kostbaar drinkwater (ca.14.000 m³/j). Onder iedere fontein bevindt zich namelijk een waterbassin waarvan de inhoud twee maal per maand moet worden ververst. In de tussentijd moet het bassin ook regelmatig worden bijgevuld als gevolg van waterverlies door verdamping, lekkage, etc. Tijdens de zomermaanden worden de Antwerpse fonteinen dan ook regelmatig dichtgedraaid om de verspilling van kostbaar drinkwater tegen te gaan. Rome kent dit probleem niet omdat men er het oppervlaktewater gebruikt om de fonteinen, vijvers en parken te voeden, alvorens het overtollige water naar zee te laten stromen. Wij pompen al dit kostbare water van de Schijn, via het Albertkanaal en de dokken, weg naar de Schelde, terwijl het binnen afzienbare tijd van zwemwaterkwaliteit is.

Gezien de ligging van de Brabo- en  de Wapperfontein (beide zijn gelegen aan de ruien) zou het relatief makkelijk zijn om deze fonteinen aan te sluiten op het grijswaternet. Hierdoor zouden tijdens een hittegolf alvast twee Antwerpse fonteinen water kunnen blijven spuiten. Ook plantentuin 'Den Botaniek' zou makkelijk gevoed kunnen worden met water vanuit de ruien. 

IMG_2365%202_edited.jpg

Fontein aan de oever van de Rhône in Lyon, foto 2018  © Studio GA

De Lauch in het stadscentrum van Colmar, foto 2018 © Studio GA

Veel andere steden gingen Antwerpen reeds voor in het recreatief gebruik van rivierwater. Zo vindt men aan de oevers van de Rhône in Lyon verscheidene fonteinen die gevoed worden met rivierwater. Ook de rivier de Lauch in Colmar zorgt ondanks zijn beperkt debiet tijdens de hete zomermaanden voor heel wat verkoeling. Wanneer wij ervoor zouden kiezen om water via de Brialmontlei (zoals beschreven in traject) naar de parkvijver te leiden, zou een nieuwe fontein op de Loosplaats haast vanzelfsprekend zijn. Voor een spektakelfontein wijken we best uit naar het Lobroekdok, waar het gekletter van het water, het geraas van het verkeer van de  Antwerpse Ring kan overstemmen.  

Schermafdruk%202020-01-25%2022.13_edited

Barcelona, Font Màgica, foto 2012  © Studio GA

Omdat 20% van ons drinkwater wordt gebruikt voor het toiletdoorspoeling, kan de extra watertoevoer vanuit Antwerpen Noord natuurlijk ook aangewend worden om deze verspilling van kostbaar drinkwater tegen te gaan. Wanneer de stadsvijver gevuld is en de bodem en het talud verzadigd zijn, ontstaat er een overschot in het debiet. Dit surplus kan aangewend worden als voeding voor het grijswaternet. Maar zelfs indien het volledige debiet van 3000³ m/d nodig zou zijn om de vijver gevuld te houden, wat gezien de recente bevindingen mbt tot de infiltratiegraad van de vijverbodem erg onwaarschijnlijk is, dan nog kan met dezelfde pomp makkelijk 2000 m³/d meer naar de stadsvijver worden verpompt. Ter illustratie van wat dit mogelijk zou betekenen voor de besparing van het drinkwaterverbruik, maakten we hieronder een berekening naar het waterverbruik voor toiletdoorspoeling van de Antwerp Tower:

De Antwerp Tower telt circa 250 toiletten. Naast twee kantoorverdiepen, een verdiep met restaurants en een winkelruimte, telt het gebouw circa 220 wooneenheden.

Het normale waterverbruik van een modern toilet ligt op 18 liter per dag per persoon. (3 x 3 à 9 liter/dag)

Het gros van de appartementen in de A-tower (ca. 192) hebben slechts één slaapkamer.

Als we er vanuit gaan dat deze bewoond worden door 2 personen komen we tot de volgende berekening:

250 toiletten x 18 liter per dag per persoon= 4500 liter/d

afgerond 5000 liter/d x 2 (personen) = 10.000 liter/d

10.000 liter/d x 365 dagen= 3.650.000 liter per jaar of 3650 m³/j

afgerond 4000m³/j

 

Omwille van de aanwezige horeca in het gebouw rekenen we jaarlijks op een bijkomend verbruik van 1000 m³, wat het totale jaarlijkse verbruik van de Antwerp Tower op circa 5000 m³ brengt. (Ter vergelijking: het Olympisch zwembad Wezenberg bevat 3,6 miljoen liter water of 3600 m³)


De extra watertoevoer van 2000 m³/d betekent op jaarbasis een volume van 730.000 m³  (= 2000x365)

730.000 m³/j gedeeld door 5000 m³/j = 146 

 

M.a.w, indien er 2000 m³ van de dagelijkse watertoevoer vanuit Antwerpen Noord wordt gereserveerd voor toiletdoorspoeling, kan jaarlijks in het toiletverbruik van een 150-tal Antwerp Towers worden voorzien (of 29.000 gezinnen met een jaarverbruik van 25 m³ (of 20% van 125 m³/j drinkwaterverbruik). (zie technische fiche)

763_edited.jpg

Impressie vernieuwde Antwerp Tower © Matexi

Zelfs indien we grijswater zouden willen voorzien voor slechts een 100-tal Antwerp Towers, is het maar de vraag hoe dit water bij de eigenlijke toiletten dient te raken. De bouwcode verplicht de promotoren namelijk niet om bij (ver)nieuwbouw een gescheiden toevoer voor toiletspoeling te voorzien.  Er is enkel sprake van een gescheiden afvoer riool- en hemelwater. Gelet op de droogteproblematiek zou bij (ver)nieuwbouw de verplichting voor een apart circuit voor toiletspoeling, met het oog op de aansluiting op een stadswaternet, dringend overwogen moeten worden.

Tweede persleiding via Schijn-Scheldekoker en Slachthuissite naar Park Spoor Noord en via (deels) open waterweg naar Asiadok, 2020 © Studio GA

Tot slot blijkt ook het oude plan van een Schijn-Scheldeverbinding die door Park Spoor Noord loopt opnieuw haalbaar, zei het in een gewijzigde vorm. Een gravitaire afvoer van de Schijn doorheen het park werd als onuitvoerbaar beschouwd omdat het waterpeil te laag onder het maaiveld kwam te liggen. Dit gaf problemen op het vlak van veiligheid en belevingswaarde. Een tweede persleiding vanuit de Schijn zou daarentegen voor een bijkomende 'monding' van de Schijn in een park kunnen zorgen. De leiding zou opnieuw via de tunnelkoker onder de R1 tot aan de Slachthuislaan lopen, om vervolgens via de Slachthuissite en een doorpersing onder het spoorwegtracé, in Park Spoor Noord toe te komen. Deze 'noordelijke vertakking' zou vanaf het hoogste punt in het park voor een meanderende, gravitaire afvoer doorheen het park kunnen zorgen om tenslotte uit te monden in het Asiadok. Hierbij zou eventueel gebruik gemaakt kunnen worden van de oude watertorens aan de Schijnpoort, die thans niet worden benut.* Of deze waterloop in een natuurlijke bedding (de wadi's in het park lenen zich hiertoe), dan wel op een verharde ondergrond zoals in Colmar (zie afbeelding boven) dient te liggen, vraagt om een nader onderzoek. Op het traject is er alleszins voldoende ruimte om een grote waterpartij te voorzien. Of deze ook geschikt is voor recreatief gebruik hangt uiteraard af van de verdere evolutie van de waterkwaliteit van de Schijn.

*(De gerestaureerde watertorens aan de Schijnpoort zouden tevens dienst kunnen als een toegankelijke watertankplaats voor veegwagens van de stad (=18.250 m³/j) .

Erfgoed watertorens Schijnpoort, foto Wikipedia

PSN_.jpg

Schijn-Scheldeverbinding Park Spoor Noord, via wadi's meanderend tot in het Asiadok, 2020 © Studio GA

PSN_foto.jpg

Schijn-Scheldeverbinding ter hoogte van Bar Noord zomerbar, impressie waterpartij 2020 © Studio GA