Conclusie

Weinig Antwerpenaren weten dat onze stad bijna 400 jaar lang werd bevoorraad met drinkwater van de Schijn. Het water van de Schelde is immers brak omdat de Schelde een getijrivier is. Vandaag haalt de Antwerpenaar zijn drinkwater uit het Albertkanaal. Via een 130 km lang rietje drinkt hij dus water van de Maas. In periodes van extreme droogte, wanneer het waterpeil van de Maas te laag staat, wordt de watertoevoer naar het Albertkanaal tijdelijk afgesloten. Tegelijk wordt in Antwerpen-Noord, ter hoogte van het Sportpaleis, dagelijks gemiddeld 234.000m3 zoet water via de dokken weggepompt naar de Schelde. Zowel het oppervlaktewater van de rivier de Schijn (160.000m3), als het gezuiverd rioolwater of effluent van het zuiveringsstation (63.000m3) en het hemelwater van de Antwerpse ring (11.000m3), stromen hier dagelijks via het Albertkanaal, de dokken en de Schelde, onbenut weg richting Noordzee. Zelfs tijdens een hete zomerdag laat men hier miljoenen liters water zomaar wegvloeien. Door een fractie van dit water (3000 à 5000 m3/d) af te leiden naar de binnenstad, kunnen we parken irrigeren, vijvers en fonteinen van water voorzien en voldoende water overhouden voor verschillende types van watergebruik. Want hoe meer laag kwaliteits- of grijswater er beschikbaar is in de binnenstad, hoe groter het drinkwatervolume dat er potentiëel bespaard kan worden. 

In het kader van de aanleg van een grijswater- of stadswaternet wordt vandaag onderzocht hoe, naast het benutten van hemel- en bemalingswater, ook de bronnen aanwezig in Antwerpen-Noord, kunnen bijdragen tot het voeden van dit alternatieve waternet. Met een spooraquaduct, een persleiding die langs en op de spoorzate loopt, kan water naar de binnenstad worden afgeleid, zonder dat de halve stad moet worden opgebroken. Het is een technisch haalbare en betaalbare oplossing die een belangrijke bijdrage kan leveren in het circulair maken van het Antwerpse watersysteem. Want door gezuiverd rioolwater, hemel- en oppervlaktewater te hergebruiken, kan de verspilling van kostbaar drinkwater worden vermeden. 

In de cascade van maatregelen die men neemt om onze stad meer waterrobuust te maken, is de belangrijkste maatregel uiteraard spaarzaamheid. Spaarzaamheid, niet enkel met drinkwater, maar met alle types van water. Maatregelen als ontharding en retourbemaling zijn hiervan enkele voorbeelden. Maar gelet op de droogteproblematiek is een extra watertoevoer vanuit Antwerpen-Noord onontbeerlijk indien we onze stad leefbaar willen houden en de waterbeschikbaarheid willen garanderen. Vandaag draaien we tijdens hete zomerdagen de fonteinen immers dicht om geen drinkwater te verspillen. 

In extremis kunnen we zout of brak water ook gaan ontzilten, maar dit is een dure en weinig duurzame maatregel. In Israël, een land dat erg investeerde in ontzilting, werd in de eerste plaats ingezet op waterrecuperatie (90%). Geen land ter wereld doet beter. Op de tweede plaats volgt Spanje met 16%. Omdat we ons in dit tot voor kort regenachtige land, onvoldoende realiseerden dat er hier per hoofd minder water beschikbaar is dan in Spanje of Portugal, staan we vandaag onderaan de lijst. Daarenboven is Antwerpen door zijn ligging een soort eiland dat wordt drooggepompt door de Ring. Zoals blijkt uit de droogtestudie zal het sluiten van de R1 er binnen afzienbare tijd ook voor zorgen dat de grondwatertoevoer vanuit het noorden (1073m3/dag) wordt afgesneden. De resterende grondwatervoeding (gemiddeld 3300m3/d) dient uiteraard maximaal behouden te worden, maar het is duidelijk dat indien je met een spooraquaduct eenzelfde hoeveelheid water naar de binnenstad kan afleiden, het onverstandig zou zijn om deze mogelijkheid onbenut te laten. 

In de Waterstudie Antwerpen wordt er ondermeer naar gestreefd om het Antwerpse watersysteem circulair te maken, iets wat onvermijdelijk gepaard gaat met pompen. Net als andere steden kan Antwerpen, ondermeer door de ligging van de R1, eenvoudig weg niet meer zonder. Om het Antwerpse watersysteem meer waterrobuust te maken, is het zaak deze technische systemen op een intelligente wijze te integreren in een breder kader van natuurlijke systemen. Daarnaast dient er ook bekeken te worden hoe de oude, thans verholen, historische watersystemen in de stad, terug opgenomen kunnen worden in de vernieuwde waterstructuren.

 

Onze stadsvijver maakt deel uit van een waterstructuur die in de Waterstudie wordt omschreven als de zone Parkenwig. Deze zone kan zo worden ingericht dat er een hemelwatercascade richting stadsvijver ontstaat. Vervolgens kan de oude verbinding tussen stadsvijver en ruien worden hersteld.  Sinds de 15e eeuw was de vijver een belangrijke schakel in het Antwerpse watersysteem. Water van de Schijn werd vanuit Wommelgem via de Herentalse vaart afgeleid naar een waterpartij die later werd omgevormd tot vestinggracht van de lunet Herentals. Toen landschapsarchitect Friedrich Edouard Keilig in 1867 de opdracht kreeg om van deze militaire vesting een park te maken, plaatste hij een kunstmatige rotspartij met grot aan de oever van de vijver ter hoogte van de Loosplaats. Langs hier stroomde het water van de Schijn de stadsvijver in en functioneerde de grot meteen ook als ijkpunt voor het waterpeil van de tot vijver omgevormde vestinggracht. Vanuit de vijver stroomde het overtollige water verder door naar de binnenstad. Enerzijds via een buis die langs en de Maria-Henriëttalei en het Blauwtorenplein naar de ruien leidde, anderzijds via de Brouwersbuis die naar het Water- of Brouwershuis aan de Ankerrui leidde. 

Een herstel van deze connectie tussen stadsvijver en ruien via de Louiza-Marialei wordt begroot op circa €25.000,-. Hierdoor kan de 400 jaar oude hydrologische functie van de stadsvijver worden hersteld...    aanleg van een grijswaternet met extra watertoevoer vanuit Antwerpen-Noord zorgt 

Zo maak je je stad klaar voor de Er is dus eerder sprake van een en/en verhaal, dan een of/of verhaal. Bovendien is het zo dat hoe meer grijswater er beschikbaar is in de binnenstad, hoe groter het volume drinkwater er potentieel bespaard kan worden. 

Om het water van deze rivier naar de binnenstad te leiden, werd vanuit Wommelgem een kanaal gegraven, de Herentalse vaart. Deze liep via de huidige Plantyn en Moretuslei naar een waterpartij die later slotgracht werd en nog later werd omgevormd tot stadsvijver. Van hieruit stroomde 400 jaar lang het water de stad in, deels via de bouwersbuis, deels via een verbinding die via het Blauwtorenplein naar de ruien leidde.

(Waterlink leverde vorig jaar circa 30.000.000m3 water aan particulieren in het Antwerpse)

 

Beste,

 

Zoals ik aangaf: ik merk dat er meer claims liggen op dat water dan u laat uitschijnen. Bovendien moet er niets rondgepompt worden wat niet nodig is in het kader van spaarzaamheid, in welke richting dan ook, ook niet naar de binnenstad.

En dus volg ik u daar niet zomaar in, maar ik dacht dat u dat begrepen had.

 

 

 

 

Beste,

 

In navolging van het overleg van 30 oktober jl. met betrekking tot het Stadspark, stuur ik jullie nog graag deze offerte door die ik ondertussen heb ontvangen mbt de aanleg van eenleiding tussen de stadsvijver en de Ruien.

Ongeacht het waterpeil van de vijver, is deze connectie cruciaal als schakel in de aanleg van een stadswaternet. Antwerpen heeft sinds de aanleg van de Herentalse vaart in 1491, dit 'waterbekken' (later slotgracht en vijver) steeds gebruikt als plaats van waaruit het water naar het stadscentrum werd geleid (o.a. brouwersbuis 1554). Door naast het hemel- en bemalingswater ook een fractie van het rivierwater van de Schijn opnieuw naar hier af te leiden, kan je naast een restauratie van het historische waterpeil, ook tot een herstel van de hydrologische functie van de vijver komen. Hierdoor kan bij hevige regenval het overtollige water rechtstreeks worden afgeleid naar de Schelde waardoor de ontlasting van het rioleringsstelsel behouden blijft.

 

Wat het effect van de waterrecuperatie (Schijn/effluent) op de ziltegraad van de dokken/Albertkanaal betreft, heb ik er enkele cijfers bijgenomen ten einde één en ander uit te klaren. Zoals vooropgesteld in de Arcadisstudie gingen we uit van een dagelijkse afname van3000m3 of 3 miljoen liter om de vijver te vullen tot het historische waterpeil. (Op basis van de toevoer van bemalingswater van de Argentawerf, weten we ondertussen dat het noodzakelijke debiet om dit waterpeil te behalen vermoedelijk veel lager ligt.)

De totale hoeveelheid water die gemiddeld dagelijks in de dokken/Albertkanaal wordt gepompt is 234.000m3 (Schijn:160.000m3/ Effluent RWZI: 63.000m3 /Hemelwater R1: 11.000m3). Het effect op de ziltegraad is dan ook nihil. (Problemen met de ziltegraad zullen eerder het gevolg zijn van de retourleiding die bij ontzilting voor een residu van brijn(pekelwater) zorgt.)  

 

Het klopt uiteraard dat in uitzonderlijke omstandigheden (langdurige droogte) pompstation Schijn tijdelijk kan ophouden met pompen. In voorkomend geval zou de continuïteit van het debiet verzekerd zijn door over te schakelen op effluent water, dat slechts een beperkte bijkomende zuivering moet ondergaan. (Effluent is  reeds gezuiverd rioolwater, geschikt voor lozing in waterlopen of de irrigatie van landbouwgronden). Zulk een zuivering is altijdgoedkoper/duurzamer dan ontzilting. In de cascade van maartregelen die je neemt om de droogteproblematiek het hoofd te bieden, staat het vermijden van verspilling uiteraard op één, gevolgd door waterrecuperatie (zie Waterplan) en als laatste ontzilting. Iedere liter die je kan recupereren voor het stadswaternet, is een liter minder te ontzilten. (Ter illustratie: 27% van ons drinkwaterverbruik wordt benut voor toiletdoorspoeling. Met een debiet van 2000m3/d kan je in het toiletverbruik van een 150-tal Antwerp-towers voorzien: https://www.stadspark.net/benuttingspotentieel).    

 

In deze context is het misschien goed te weten dat Israël, dat erg investeerde in ontzilting, in de eerste plaats inzette op waterrecuperatie (89%). Geen land ter wereld doet beter. Op de tweede plaats volgt Spanje met 16%. Omdat we ons in dit (tot voor kort) regenachtige land, onvoldoende realiseerden dat er hier per hoofd minder water ter beschikking is dan in Spanje of Portugal, staan we vandaag onderaan deze lijst. In Antwerpen zouden we alvast een grote stap voorwaarts kunnen zetten met de aanleg van een stadswaternet dat gevoed wordt door de bronnen aanwezig in Antwerpen-Noord. (Ook bemalingswater kan mits zuivering aangesloten worden op het stadswaternet, maar verdunning met oppervlakte- en/of hemelwater is aangewezen. Bovendien is de zuivering van bemalingswater opnieuw duurder dan waterrecuperatie vanuit Antwerpen-Noord.) 

 

Gelet op de droogteproblematiek zijn we hoe dan ook aangewezen op deze extra watertoevoer indien we de leefbaarheid van onze stad willen vrijwaren. Een afbeelding uit dedroogtestudie (zie: https://www.stadspark.net/spooraquaduct) toont hoe Antwerpen een soort eiland is dat drooggepompt wordt door de ligging van de R1. Bovendien zal door het sluiten van de Antwerpse Ring binnen afzienbare tijd ook de grondwatertoevoer vanuit het noorden (1073m3/dag) worden afgesneden. De resterende grondwatervoeding (gemiddeld 3300m3/d) dient uiteraard maximaal behouden te worden, maar het is duidelijk dat indien je met één pomp, eenzelfde hoeveelheid water naar het stadscentrum kan afleiden, het onverstandig zou zijn om deze mogelijkheid onbenut te laten. 

 

In het Waterplan Antwerpen wordt er voor de zone Parkenwig gesteld dat aansluiting op de Ruien is aangewezen. De hemelwatercascade waarvan sprake leidt deels richting stadsvijver om daarna idealiter door te stromen richting Ruien. Dit herstel van oude hydrologische systemen wordt uitdrukkelijk aangemoedigd in het Waterplan, net als het circulair maken van het bestaande watersysteem. (https://www.stadspark.net/copy-of-waterplan)

 

Daarenboven staat in het Erfgoedbeheerplan Stadspark Antwerpen, februari 2018 te lezen dat:

- Indien zich in de toekomst mogelijkheden voordoen die kunnen bijdragen aan het duurzaam verhogen van het waterpeil, deze mogelijkheden optimaal worden benut. (p.62)

- Indien herstel van het watersysteem in de toekomst aan de orde komt, wordt de overkluisde watergang onder de grot opnieuw deel gemaakt van het hydrologisch systeem. (p.69)

 

Met de opmaak van het herwaarderingsplan voor het Stadspark hebben we dus de unieke kans om voor het eerst in bijna 100 jaar, zowel het historische waterpeil van een beschermd erfgoed in ere te herstellen, als zijn 400 jaar oude functie als schakel in de Antwerpse waterhuishouding te hernieuwen. Ik hoop dat de bovenstaande info kan bijdragen tot de verdere uitwerking van het herwaarderingsplan voor het Stadspark. Ik ben uiteraard steeds beschikbaar voor bijkomende uitleg.